De wet op het vrijwilligerswerk
Basisregels
De Wet op het Vrijwilligerswerk bepaalt je rechten als vrijwilliger. Deze vrijwilligerswet legt de basisregels vast van het vrijwilligerswerk en wil je als vrijwilliger beschermen.
- Wat is nu juist een vrijwilliger?
- Wie mag vrijwilligerswerk doen?
- Wat is een vrijwilligersorganisatie?
- Hoe zit dat met verzekering?
- Wat als een vrijwilliger kosten maakt?
- Wat als een vrijwilliger een fout maakt?
Duidelijke informatie over deze wet vind je het handige boekje 'Slim aan de slag, de vrijwilligerswet in een handomdraai'.
Verzekeringsplicht
De wet over de rechten van vrijwilligers legt een verzekeringsplicht op aan de meeste vrijwilligersorganisaties. Deze regeling geldt vanaf 1 januari 2007.
Door de wet is de organisatie - en niet de vrijwilliger - burgerlijk aansprakelijk voor schade aan derden. Vrijwilligers zijn dus niet aansprakelijk voor de schade die zij tijdens hun vrijwilligerswerk veroorzaken aan een derde. De organisatie moet deze schade vergoeden.
Als vrijwilliger blijf je wel aansprakelijk voor schade aan jezelf, voor opzettelijke schade en voor schade veroorzaakt door een grove fout, door bedrog of door een lichte fout die zich steeds herhaalt. Een organisatie doet er goed aan om zowel de burgerrechterlijke aansprakelijkheid van de organisatie als van de vrijwilligers te verzekeren.
De wet zegt niets over een verzekering voor lichamelijke ongevallen (Je kan dit als organisatie zeker overwegen! Ongevallen komen nu eenmaal voor).
De wet zegt ook niets over een verzekering voor rechtsbijstand, ziekteverzekering, brandverzekering... (Ook zaken die je als organisatie best eens overweegt!).
Wie als vrijwilliger een overtreding begaat volgens het strafwetboek, is daar altijd zelf voor verantwoordelijk (diefstal, fout parkeren, schending van geheimhoudingsplicht...). Daar bestaat geen verzekering voor!
Tip: Omschrijf, als organisatie, bij het opstellen van je verzekeringspolis de vrijwilligersactiviteiten zo ruim mogelijk. Zo vermijd je latere onduidelijkheden.
Welke organisaties zijn verplicht?
Niet alle organisaties zijn verplicht een verzekering BA (burgerlijke aansprakelijkheid) af te sluiten.
Volgende organisaties zijn hiertoe wettelijk verplicht:
- OCMW's, lokale besturen en vzw's
- koepelorganisaties (zowel voor henzelf als voor de afdelingen die bij hen aangesloten zijn)
- feitelijke verenigingen die één of meer personeelsleden tewerkstellen (zowel voor henzelf als voor de feitelijke verenigingen die eraan verbonden zijn)
Zijn NIET verplicht:
- "onafhankelijke" feitelijke verenigingen (zonder een echte vaste structuur) en kleine, spontane initiatieven zijn niet verplicht om een verzekering burgerlijke aansprakelijkheid af te sluiten. Als kleine, feitelijke vereniging doe je er echter goed aan dit te overwegen! Bij de provincie kan je als organisatie een gratis verzekering afsluiten voor occasionele activiteiten.
Conclusie
Informeer je als organisatie goed bij het afsluiten van een verzekering. En informeer je als vrijwilliger zodat je goed weer waarvoor je juist verzekerd bent en waarvoor niet.
Informatieplicht
De Wet op het vrijwilligerswerk verplicht vrijwilligersorganisaties om hun vrijwilligers goed te informeren over de organisatie. Als vrijwilliger mag je weten voor welk doel je vrijwilligerswerk doet, wat je rechten en plichten zijn, wat je taak is...
Vrijwilligersorganisaties mogen kiezen hoe ze hun vrijwilligers informeren. Dit kan met een informatienota, met een tekst op de website, met een tekst in het ledenblad... De informatie kan zowel schriftelijk als mondeling.
Belangrijk! De bewijslast bij de informatieplicht ligt altijd bij de vrijwilligersorganisatie. Bij een conflict moet de organisatie dus bewijzen dat jij als vrijwilliger goed op de hoogte was van de werking van de organisatie en van alle afspraken.
Wat moet een organisatie jou zeker meedelen:
- de sociale doelstelling van de organisatie
- het juridisch statuut (openbaar bestuur, vzw, feitelijke vereniging) van de organisatie
- hoe je verzekerd bent (welke soort verzekering: enkel burgerlijke aansprakelijkheid of ook rechtsbijstand, lichamelijke ongevallen...)
- de kostenregeling: geen kostenvergoeding of forfaitair of reële kostenvergoeding of in natura (bijvoorbeeld een boekenbon)
- informatie over de geheimhoudingsplicht
TIP: Een informatie- of organisatienota is niet verplicht, maar het is wel een goed basisdocument om te voldoen aan de informatieplicht.
De informatienota kan kort zijn met alle wettelijk verplichte informatie, maar kan ook langer met bijvoorbeeld duidelijke afspraken over de precieze taken van de vrijwilliger, waar en wanneer de vrijwilliger zich inzet, afspraken over begeleiding en vorming...
De informatienota kan dan door beide partijen ondertekend worden.
Vergoedingen
Kostenvergoeding
Vrijwilliger ben je als jij je inzet voor anderen, binnen een organisatie en dit doet zonder ervoor betaald te worden en zonder hiertoe verplicht te worden.
Je kan voor je inzet als vrijwilliger wel een vrijwilligersvergoeding krijgen. Een vrijwilligersvergoeding is een kostenvergoeding; de kosten die je mogelijk maakt kunnen vergoed worden.
Een kostenvergoeding is geen recht. Je kan dit niet eisen, het is de organisatie die beslist of ze onkosten terugbetaalt, hoeveel die vergoeding is en op welke manier ze jouw kosten vergoedt.
Er zijn in de vrijwilligerswet twee manieren om kosten te vergoeden:
- Terugbetalen van reële kosten: de organisatie betaalt je gemaakte kosten terug als je er een bewijs van hebt, bijvoorbeeld het kassaticket van een winkel
- Terugbetalen van een vooraf afgesproken bedrag; dit is een forfaitaire vergoeding: hier moet je geen bewijs afgeven van gemaakte kosten. De organisatie bepaalt een vaste som die je krijgt voor je inzet. Er zijn wel wettelijke maximumbedragen die ieder jaar aangepast worden aan de index. Voor 2011 zijn de bedragen maximum 30,82 euro per dag en 1 232,92 euro per jaar. Deze bedragen zijn belastingvrij.
- Let op! Je mag als vrijwilliger de twee manieren van kostenvergoeding niet mengen! Dus niet én een reële kost vergoed krijgen én een vastgelegd bedrag (forfait) krijgen.
Vervoerskosten
Er is één uitzondering bij het vermengen van kostenvergoedingen. Een combinatie van de forfaitaire kostenvergoeding met een terugbetaling van de reële vervoerskosten is mogelijk. De reële vervoerskosten worden daarbij jaarlijks vastgelegd op maximaal 2 000 maal de kilometervergoeding. Wat zijn vervoerskosten?
- Het gebruik van het openbaar vervoer
- Het gebruik van de eigen wagen (maximaal €0.3352/km vanaf 1 juli 2011)
- Het gebruik van de eigen fiets (maximaal €0.20/km)
Het exacte bedrag kan je onder andere vinden op de website van de federale overheid, sociale zekerheid, luik vrijwilligers.
Hulpmiddeltje
Met dit schema raak je wegwijs in vrijwilligersvergoedingen.
-
Externe links
-
Info diensten




