Wat is een buddy?

Elke leerling heeft recht op gelijke onderwijskansen, maar soms hebben kinderen en/of jongeren wat nood aan extra ondersteuning. Daarom zijn er buddy's. Een buddy is geen (vak)leerkracht, een buddy is… een ‘maatje’.

Als buddy ben je één of twee keer per week naschoolse begeleider voor leerlingen die een extra duwtje in de rug nodig hebben, voor leerlingen die zich niet zo goed voelen op school.  Je werkt samen met deze leerlingen aan hun welbevinden. 

Het buddyproject biedt zowel voor leerlingen, scholen, ouders als voor buddy's een meerwaarde. Zo krijgen leerlingen gratis begeleiding op maat die hun slaagkansen in het onderwijs vergroten. De scholen krijgen extra mankracht om het welbevinden van kwetsbare leerlingen te verhogen. De ouders krijgen extra ondersteuning bij het begeleiden van hun kinderen en de buddy's krijgen een leerrijke ervaring in het werken met kansarme kinderen en jongeren. Kortom, iedereen wordt er rijker van op vele vlakken. 

Wat doet een buddy?

Een buddy is geen (vak)leerkracht of psycholoog, maar wel een coach en een vertrouwensfiguur.

Een buddy geeft geen bijles. Een buddy begeleidt leerlingen die nood hebben aan extra ondersteuning. Je kan buddy zijn in het basis- of in het secundair onderwijs.

Basisonderwijs

In het basisonderwijs staat het verhogen van het welbevinden van kwetsbare kinderen voorop.  Je bent vooral een vertrouwensfiguur: je benadert het kind op zijn/haar eigen tempo, geeft vertrouwen en werkt aan een positief zelfbeeld.  

Secundair onderwijs

In het secundair onderwijs heb je als buddy een dubbele taak. Je bent als buddy vooral een vertrouwensfiguur: je geeft vertrouwen, werkt aan een positief zelfbeeld en probeert de intrinsieke motivatie te verhogen en te behouden.  Daarnaast coach je de leerlingen bij het maken van huiswerk en bij het studeren. De nadruk ligt hierbij op het “leren leren”: plannen, tijd inschatten, organiseren, anticiperen, concentreren. 

Waarom zou je?

  • Je helpt leerlingen, met nood aan extra ondersteuning, vooruit. Dat vergroot hun onderwijskansen, want ze zijn meer gemotiveerd, hebben meer zelfvertrouwen en hun resultaten gaan erop vooruit.
  • Je draagt een steentje bij in het creëren van gelijke onderwijskansen.
  • Je haalt voldoening uit je engagement.
  • Het is een unieke (leer)ervaring.
  • Je komt in aanraking met andere culturen en maatschappelijk kwetsbare groepen.
  • Je bouwt kennis op en verwerft inzicht over de relatie kansarmoede-school-loopbaan.
  • Je krijg vorming en ondersteuning.
  • Je ontmoet andere buddy's.
  • Het is een toegevoegde waarde op je CV (getuigschrift).

Het verloop van een buddysessie

Tijdig verzamelen aan lokaal

De leerling wacht op de speelplaats op zijn/haar buddy. Daarna gaan ze samen naar het lokaal waar de begeleiding doorgaat. 

Losse babbel

Elke begeleiding begint luchtig. De leerlingen vertellen wat over het weekend, over hun hobby's, je speelt een spel, je doet iets leuks... Sla deze stap nooit over, want deze losse babbels zijn belangrijk voor de taalontwikkeling en er wordt gewerkt aan een basis van vertrouwen.

Agenda overlopen

Bij het begin van de begeleiding kijk je altijd naar de agenda. Neem hier voldoende tijd voor. Een agenda biedt veel structuur, maar als je leerling deze verkeerd gebruikt, is het vaak moeilijk om de volgende stappen succesvol te volbrengen. Dikwijls is het gebruik van een agenda in de eerste graad helemaal nieuw, zowel in het basis- als in het secundair onderwijs. 

Aan de slag in verschillende fasen

Iedere buddy heeft zijn eigen begeleidershouding en -stijl, en dat kunnen we alleen maar toejuichen! Inhoudelijk zien we bij iedere buddy wel vaak de zelfde stappen terug komen:

  • Stap 1: Wat moet ik doen?
  • Stap 2: Hoe ga ik het doen?
  • Stap 3: Ik doe het!
  • Stap 4: Ik kijk na!

Een spel spelen, want spelen is ook leren! 

Ontspanning is belangrijk. Maak tijd voor een spel, tijdens een pauzemoment of vlak voor het einde. Beëindig de laatste tien minuten van de buddysessie met iets leuks (bijvoorbeeld een memory-spelletje om op speelse wijze woordenschat te oefenen) of speel in op de hobby's van het kind. Zorg ervoor dat deze activiteit gemakkelijk stop te zetten is, zodat de sessie in alle rust afgesloten wordt.

Nabespreking

Na de sessie is het belangrijk om even na te gaan wat je hebt gedaan die dag. Sommige scholen werken met heen-en-weer schriftjes, andere met een nota in de agenda.

Daarnaast is het ook altijd fijn als de buddy kort een persoonlijk verslag uitbrengt bij de schoolcoördinator en/of de ouders. Dit hoeft natuurlijk niet elke keer, maar het biedt wel een meerwaarde.