Kloosterperiode

Het Predikherenklooster heeft een rijke en bewogen geschiedenis. In 1652, een jaar na hun aankomst, kregen de Predikheren toestemming om een klooster en kleine kapel te bouwen op de hoek van de Jodenstraat en voormalige Kerkhofstraat (nu Goswin de Stassartstraat).

Het klooster bestaat uit vier vleugels rondom een pandhof, een vierkante binnenplaats, dat op haar beurt wordt omgeven door een ruime pandgang. Tussen 1720 en 1735 werd de oorspronkelijke kapel, die te klein was geworden, vervangen door de huidige kloosterkerk.

Prediherenklooster vroegerMilitaire periode

In 1796 sloten de Fransen het klooster. In 1802 vangt de Mechelse Commissie van Burgerlijke Gast- en Godshuizen arme bejaarden op in het klooster. Vanaf 1809 deed het klooster dienst als militair hospitaal en werden de ouderlingen overgebracht naar het voormalige klooster van Leliëndaal. De kloosterkerk werd sinds 1814 gebruikt als krijgsarsenaal.

Na de Eerste Wereldoorlog was het Predikherencomplex beter bekend als kazerne Generaal Delobbe. Die militaire functie behield het tot 1977. Er zijn nog steeds sporen van de militaire aanwezigheid, zoals de kasseivloer in de kerk en de ringen aan de muren om paarden vast te maken.

Daarna nam de stad het gebouw over en in 1979 werd het een beschermd monument.

Het predikherenklooster tijdens de militaire periode

De slaapzaal toen het Predikherenklooster dienstdeed als militaire kazerne.

 

Beschermd als monument dd. 19/08/1980