Buddy werking

Als school stel je een verantwoordelijke aan die zorgt voor de praktische organisatie en de interne en externe communicatie omtrent het Buddy-project. Deze schoolcoördinator bespreekt in overleg met de klasleerkracht welke kinderen het meeste nood hebben aan het werken aan welbevinden. De focus ligt op kwetsbare leerlingen van het basisonderwijs en de eerste graad secundair onderwijs, die baat zouden hebben bij extra naschoolse ondersteuning. Dit wordt ook met de ouders goed afgestemd.

Eens de buddy’s verdeeld zijn over de verschillende deelnemende scholen (na het opstartmoment), organiseert je school een eerste contactmoment met de buddy en de ouders. Dit contact is cruciaal als kennismaking om de buddybegeleiding zo optimaal mogelijk te laten verlopen.

De begeleiding gebeurt aansluitend op de schooluren en op school, in het basisonderwijs. In het secundair onderwijs is er ook de mogelijkheid tot begeleiding via videochat, indien dit makkelijker te organiseren is voor buddy en/of leerling.

Tijdens de buddysessies worden ook andere materialen uit de klas of de school ter beschikking gesteld die kunnen bijdragen tot een goede begeleiding van de kinderen.

De schoolcoördinator krijgt via het intranet toegang tot een gedetailleerde afsprakennota. Zo moet je als buddycoördinator steeds duidelijk communiceren over praktische afspraken (onder andere de toewijzing van de buddy aan de leerling, de aanwezigheden van zowel buddy als leerling, extra materiaal, ...).