Bosq kiest voor lokaal hout als belangrijke grondstof

Een straal van 30 kilometer rond Mechelen. Binnen die cirkel haalt Bosq een deel van haar grondstoffen. Hout mag dan wel een commodity zijn, maar de houtverwerker – die naast de activiteiten als exclusieve fabrikant van Bulo ook eigen projecten in fineerhout doet – kiest doelbewust voor duurzamere alternatieven. 

Dag Bert, wat moeten we weten over Bosq?
“Toen Mechelen één van dé meubelsteden was, zo’n 60 jaar geleden, startte mijn vader het bedrijf op. Hij zorgde ervoor dat de grondstoffen – voor onze core business is dat hout – naar de Dijlestad kwam. Vandaag maken wij halffabrikaten in fineerhout, van parketvloer voor luxejachten tot standaard panelen voor schrijnwerkers. Sinds 15 jaar doen we dat onder de vleugels van Bulo Kantoormeubelen. Intussen wordt alles gemanaged door Carlo en Louis Busschop en sta ik hen halftime bij als consultant.”

Wat heeft jou doen beslissen om Bosq door te geven aan Bulo?
“Ik ga stilletjes aan naar een pensioengerechtigde leeftijd en de professionele ambities van mijn kinderen liggen elders. Met Bulo hebben we een ambitieus familiebedrijf gevonden, dat sterk staat voor de toekomst.”

En met jullie activiteiten willen jullie ook in de toekomst nog een belangrijke rol spelen.
“Absoluut. Al laten we daarvoor het verleden wel achter ons. Zo werd hout de afgelopen jaren in Duitsland, Amerika, Ecuador of de Ardennen gehaald. Tot de familie Busschop terecht de bedenking maakte waarom dat zo ver moest en zich de vraag stelde of er geen alternatieven te vinden zijn. We zijn anders beginnen kijken naar grondstoffen en maken zo een belangrijk verschil voor de komende decennia.”

Waar willen jullie het hout in de toekomst dan vandaan halen?
“Lokaal. Lees: een straal van 30 kilometer rond Mechelen. De platanen van de leien, bomen die we kappen in de plantentuin van Meise of in het Zoniënwoud. Ook in de Noorderkempen zijn er een paar van die projecten geweest. Steeds gaat het om zieke bomen of bomen die de veiligheid in het gedrang brengen. Daar maken we dan meubels van.”

Levert dat voldoende grondstoffen op?
“Het grootste probleem van hout is dat het nog altijd als een commodity wordt gezien. Het is er, iedereen denkt dat men het zichzelf kan toe-eigenen en doet dat ook. Men kijkt naar wat er nodig is en vervaardigt. Maar de grondstof slinkt en de uitdaging bestaat erin om die gedachtegang om te draaien: wat is er voorhanden en wat kunnen we ermee maken? Wat biedt de natuur en wat is lokaal beschikbaar? Niet voor iedereen is dat een makkelijke oefening, vooral dan economisch gezien. Maar het maakt je als ondernemer ook creatief om alternatieven te vinden. En die hebben we gevonden.”

Zoals?
“Recuperatiehout bijvoorbeeld. Dat halen we weliswaar uit Italië waardoor het qua ecologische voetafdruk minder scoort, maar het gaat om hout dat anders opgebrand wordt. Dan kan je er beter iets creatief mee doen. Ook in ons land kan dat georganiseerd worden, met de recuperatie van daktimmers bijvoorbeeld. Daar zijn nog veel opportuniteiten mogelijk.”

Ook namaakmassief is zo’n alternatief?
“We werken inderdaad ook met namaakmassief, gemaakt van palm en bamboe. Het gaat om twee holle grassoorten die, wanneer je er segmenten uithaalt en ze aan elkaar lijmt, omgevormd kunnen worden tot fineerhout. Het voordeel is dat je er via die werkwijze ook reststromen in kan verwerken. In België verwerken we op deze manier bijvoorbeeld bomen uit de plantentuin van Meise om tot fineerhout. Dat zorgt voor een aantrekkelijke ecologische voetafdruk met goede kwaliteit als resultaat en een hoog rendement. Een win-win voor iedereen dus.”

Die alternatieven slaan ook aan?
“Het circulaire verhaal wordt vaak betrokken in kleine projecten, maar wij durven dat ook bij grote projecten in de verf zetten en zelfs internationaal te promoten. Zo hebben we al met verschillende bekende architecten samengewerkt, zoals Vincent Van Duysen.”

Welke drie woorden associeer je blindelings met Bosq?
“Creativiteit, innovatie en geduld. Geduld in de zin van het botsen tegen obstakels en ermee leren om te gaan. Voor een project in het museum van Tervuren hadden we bijvoorbeeld deelgenomen aan een openbare aanbesteding. We zouden vijf bomen op hun site uitdoen en van diezelfde bomen fineerhout maken voor meubels in het museum. Maar bij een openbare aanbesteding wint de goedkoopste aanbieder, en dat was niet Bosq. Maar de winnende partij kwam nadien wel bij ons aankloppen voor fineerhout, weliswaar niet met hout van de lokale bomen. Dan zucht je wel eens. Het zou een enorme meerwaarde zijn als de overheid of andere opdrachtgevers dat circulaire aspect hoger scoren in hun eindafweging. Maar daarvoor is dus geduld nodig.”

Heb je nog een afsluitende tip voor bedrijven of ondernemers die ook hun schouders willen zetten onder circulaire projecten?
“Iedereen zegt dat circulariteit moet en zal. Daar ben ik volledig van overtuigd, maar je moet jezelf wel in vraag stellen en daarmee bezig te zijn. Volg niet blindelings. Start niet halsoverkop. Begin vanuit een beredeneerde aanpak, lees erover, spreek met mensen. En dan kan je actie ondernemen.”


En dankzij Bosq staan we weer een stap dichter bij een circulaire regio Mechelen. Meer info over Bosq vind je op www.bosq.be.

Zit je zelf met vragen? Ben je op zoek naar informatie of inspiratie? Of ambieer je ook je eerste circulaire stappen te zetten? Laat het ons weten via circulaireeconomie@mechelen.be.